Met het vertrek van Johnny Thijs
bij Bpost is het toplonendebat meer dan ooit terug. Elke Jan, Modaal of niet, heeft ondertussen
wel een mening gevormd.
Ook ik heb ondertussen met
aandacht bepaalde opiniestukken gelezen, meningen aanhoord en intern een idee
kunnen formuleren. 650 000 euro is dat idee zeker en vast niet waard, maar misschien
wel wat van uw tijd.[1]
Elkeen is het eens met het feit
dat tegenover verrichte arbeid of diensten, onder welke vorm dan ook geleverd
een correct loon mag staan. De goegemeente is het er vervolgens ook over eens
dat het werk verricht door Thijs van een aanvaardbaar niveau was en dat zoiets
beloond mag worden. Alleen stelt zich de vraag hoe hoog dat loon dan wel mag of
moet zijn.
Met betrekking tot een
formulering van een antwoord op die vraag, lijken zich twee kampen te hebben
gevormd. Een kamp meent dat niemand een loon van 1,1 miljoen euro waard kan
zijn – zeker niet in vergelijking met de modale postbode. En het andere kamp... Tja, het andere kamp lijkt
een bepaalde voorliefde te hebben voor zinnen met ‘pindanootjes’ en ‘aapjes’ als
kernwoorden.
Beiden lijken mij nogal
kort door de bocht te gaan en naast de kwestie te discussiëren.
Loonvorming
Zo stelt zich de vraag of het
loonvormingsproces objectief beoordeeld kan worden? Mijn inziens niet. Het
proces lijkt me eerder een proces van afwegingen, zowel in hoofde van het
bedrijf als in hoofde van de werknemer sensu
lato.
Het bedrijf dient zich de vraag
te stellen welk loon de vereiste kwaliteiten kan vergoeden en welk loon het
mogelijk maakt om die kwaliteiten aan te trekken. In die zin kan men loon ook
zien als een investering in het bedrijf. Men trekt creativiteit aan, know how,... die het bedrijf
concurrentiële voordelen kunnen bieden.
Ook de werknemer moet
verschillende afwegingen te maken. Hij/zij dient na te gaan of hij/zij bereid is om zijn/haar
kwaliteiten, ideeën,... beschikbaar te stellen én dat in een topfunctie ook
quasi-continue te doen. Zie ik het zitten om een groot deel van mijn leven “op
te offeren” aan het leiden van een bedrijf en daarbij vele relaties op de
achtergrond te schuiven? Zie ik het zitten om het opgroeien van mijn kinderen
te missen,... Opofferingen die prima
facie niet de minste zijn.
In dat opzicht vind ik het van
behoorlijk wat arrogantie getuigen om een ander zijn rekening te maken en te
poneren dat 1,1 miljoen euro te veel is om die opofferingen te vergoeden. De
afweging of loon dergelijk emotioneel gemis vergoedt, kan toch niet subjectiever
zijn?
Op die manier lijkt het mij dat
beide kampen een indeplaatsstelling vervullen waar die in se onvervulbaar is. Daaruit het grote gelijk putten lijkt me
niet volledig correct.
Ook de waardebepaling van iemand
komt mij over als een zeer subjectief en complex gegeven. Ook u zal zich
waarschijnlijk al de bedenking gemaakt hebben dat uw arbeid meer waard is dan
uw loon en dat u een belangrijke factor vormt in het productieproces of
dienstverlenende proces.
Wanneer een ander het daarover
oneens is, hecht u dan (zeer) veel waarde aan zijn of haar idee? Of bent u de
mening toegedaan dat uw job zovele facetten kent dat het voor een ander quasi
onmogelijk is om te oordelen over uw waarde voor het bedrijf?[2]
Zou dat voor mijnheer Thijs niet hetzelfde kunnen zijn?
De Markt
Een ander veelgehoord argument is
dat de markt de lonen voor dergelijke topfuncties dicteert. Maar zou het dan
eveneens niet kunnen dat de markt in deze niet statisch is, maar wel dynamisch
en een brede vork kent? Zou het niet kunnen dat de markt competente mensen kan
afleveren aan 650 000 euro per jaar in plaats van 1 100 000 euro?[3]
En daarnaast, hoe definieert men
die markt? Zijn wij Belgische kiezers niet allen de markt? Zou het niet kunnen dat
politici en burgers effectief een mening mogen hebben – ondanks dat die naar
bovenstaande idee steeds onvolmaakt zal zijn - over hoeveel leiders in een overheidsbedrijf
mogen opstrijken voor hun geleverde inspanning?
Indien leidinggevend personeel
het in een overheidsbedrijf het daar niet eens mee kan zijn, dan rest hen
inderdaad weinig keuze. Of inbinden, of vertrekken. Dat zoiets weinig aangenaam
is wanneer je vele jaren hebt opgeofferd om tot een mooi resultaat te komen
spreekt voor zich, maar dat is de realiteit van een tewerkstelling in een
overheidsbedrijf. Een CEO van een overheidsbedrijf kan niet boven politiek-democratische
besluitvorming staan, ook al is die besluitvorming fout of onvolmaakt.
Kerntakendebat
Reeds geruime tijd wordt in mijn
vriendenkring geopperd om bepaalde overheidsbedrijven te verpatsen aan
privé-investeerders. Ook ik ben dat idee niet ongenegen en heb me al meerdere
malen de vraag gesteld of een overheid zich moet bezighouden met het aanbieden
van telecommunicatie, postdiensten,...
Indien het politieke bedrijf tot
de beslissing zou komen dat dergelijke dienstverlening niet tot de kerntaken
van een 21e eeuwse overheid behoort, zou dat als positief
neveneffect met zich meebrengen dat die bedrijven geprivatiseerd kunnen worden
en zélf kunnen beslissen over welke verloning voor hun CEO afdoende is.
Echter, ook al is een bedrijf
private eigendom, dan nog biedt dat geen legitimering om de vraag aangaande de
toplonen niet meer te stellen. Vragen en nadenken moet altijd vrijstaan, ook al
bestaat er naar mijn aanvoelen geen absoluut, volmaakt antwoord met betrekking
tot het toplonenthema.